Voorgestelde aanpassingen fusietoets onderwijs

Op 17 oktober 2016 heeft de minister van OCW in haar brief aan de Tweede Kamer de contouren geschetst voor de aanpassing van de fusietoets in het onderwijs. De aanpassingen zouden er voor moeten zorgen dat de fusietoets een minder groot obstakel wordt voor een (noodzakelijke) fusie of samenwerking tussen onderwijsinstellingen of scholen.

De minister onderkent in de brief dat het onderwijs zich aan moet passen aan de nieuwe realiteit. Vooral de daling van het aantal leerlingen (bij 85% van de besturen in het VO en bij 75% van de besturen in het PR) zorgt voor een toenemende noodzaak om scholen te laten fuseren. Als dat niet gebeurt zullen steeds meer scholen moeten sluiten, waardoor de diversiteit en bereikbaarheid van onderwijsaanbod af zal nemen.

Voorgestelde maatregelen verlichting fusietoets

De belangrijkste voorstelde maatregel betreft het introduceren van een lichtere fusietoets die sneller doorlopen kan worden voor een fusie van beperkte omvang. Van een fusie met beperkte omvang zou sprake zijn als:

  • Scholen fuseren waarbij minder dan 500 leerlingen in het PO betrokken zijn of minder dan 3.000 leerlingen in het VO betrokken zijn;
  • Besturen fuseren waarbij het marktaandeel van het fusiebestuur niet boven de 50% uitkomt of in zeer stedelijke gemeenten (de 17 grootste gemeenten van Nederland) niet boven de 35% uitkomt en waarbij niet meer dan 30 scholen in PO of 10 scholen in het VO betrokken zijn.

De fusies van beperkte omvang zullen vervolgens niet meer door een onafhankelijke adviescommissie getoetst worden, maar door DUO.

Zorgplicht menselijke maat

De minister introduceert in haar brief ook het begrip “zorgplicht menselijke maat”. Het behoud van de menselijke maat in het onderwijs, ook na een eventuele fusie, dient toegelicht te worden in de Fusie Effect Rapportage (FER). De positie van de medezeggenschapsraad wordt versterkt op dit gebied door het opnemen van een advies bevoegdheid in de Wet op de medezeggenschapsraad op scholen (WMS). Met de introductie van de zorgplicht menselijke maat wordt beoogd er voor te zorgen dat er vooraf nagedacht wordt over het borgen van de menselijke maat op zowel de schoollocatie als binnen het bestuur.

Personele unie, holding, coöperaties in relatie tot fusietoets

In de bief van de minister wordt ook ingegaan op de gevolgen van de huidige regeling fusietoets. Het ministerie ziet dat de huidige fusietoets regeling ontweken wordt door het vormen van bijvoorbeeld een personele unie, holding (koepelstichting) of coöperatie. De minister geeft aan dat in het PO en VO op dit moment geen wetgeving bestaat die het vormen van bijvoorbeeld een personele unie tegengaat. Het vormen van een personele unie en daarmee het creëren van de mogelijkheid tot belangenverstrengeling voor het bestuur van de beide instellingen wordt als onwenselijk gezien. Om die reden wordt door de staatssecretaris op dit moment een verkenning uitgevoerd naar de aard- en omvang van samenwerkingsconstructies in het primair en voortgezet onderwijs en wordt juridisch getoetst in hoeverre deze constructies op gespannen voet staan met de onderwijswetgeving. Wat de gevolgen zijn voor onderwijsinstellingen die op deze manier samenwerken of samen willen gaan werken is nog de vraag.

Reacties PO-raad en VO-raad op de brief

De PO-raad en VO-raad hebben kritisch gereageerd op de voorstellen van de minister. Met name de passage over de zorgplicht menselijke maat wordt gezien als een potentiële lastenverzwaring, waarvan de toegevoegde waarde ter discussie gesteld wordt.

Marc Heijligers

Marc Heijligers

Wilt u reageren of meer informatie?